Bible translations into Dutch

From Wikipedia, the free encyclopedia
Jump to: navigation, search

Philips of Marnix, lord of Saint-Aldegonde (1538–1598), who was among the leaders of the Dutch War of Independence wrote one of the earliest Bible translations into Dutch. His translation influenced the later Statenvertaling or "States' Bible."[1]

The first official Bible translation into Dutch directly from Greek and Hebrew sources was the Statenvertaling. It was ordered by the States-General at the Synod of Dort in 1618/19, and first published in 1637. It soon became the generally accepted translation for Reformed churches in the Netherlands and remained so well into the 20th century. It was supplanted to a large extent in 1951 by the Nederlands Bijbelgenootschap (NBG) translation, which still uses relatively old-fashioned language.

Modern language translations are Groot Nieuws Bijbel (GNB), International Bible Society's Het Boek, and the Roman Catholic Willibrordvertaling. In 2004, the Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) translation appeared, which was produced by an ecumenical translation team, and is intended as an all-purpose translation for pulpit and home use; however, there has been much criticism on its accuracy.[2]

Around the same time, there has also been much work on very literal, idiolect translations, such as the Naarden translation of 2004, Albert Koster's translation of the Old Testament, a work in progress since 1991, and the Torah translation of the Societas Hebraica Amstelodamensis.[citation needed]

In December 2010, the Herziene Statenvertaling (revised States Bible) was released.

In Oktober 2014, the Bijbel in gewone taal (Bible in normal language) was released.[3]

Comparison[edit]

Translation Genesis 1:1–3 John (Johannes) 3:16
Statenvertaling (SV) In den beginne schiep God den hemel en de aarde. De aarde nu was woest en ledig, en duisternis was op den afgrond; en de Geest Gods zweefde op de wateren. En God zeide: Daar zij licht: en daar werd licht. Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdateen iegelijk die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe.
Nederlands Bijbelgenootschap (NBG) In den beginne schiep God de hemel en de aarde. De aarde nu was woest en ledig, en duisternis lag op de vloed, en de Geest Gods zweefde over de wateren. En God zeide: Er zij licht; en er was licht. Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe.
Groot Nieuws Bijbel (GNB) In het begin schiep God de hemel en de aarde. De aarde was onherbergzaam en verlaten. Een watervloed bedekte haar en er heerste diepe duisternis. De wind van God joeg over het water. Toen zei God: ‘Er moet licht zijn!’ En er was licht. Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon gegeven heeft, opdat iedereen die in hem gelooft, niet verloren gaat maar eeuwig leven heeft.
Willibrordvertaling (WV) In het begin schiep God de hemel en de aarde. De aarde was woest en leeg; duisternis lag over de diepte, en de geest van God zweefde over de wateren. Toen zei God: ‘Er moet licht zijn!’ En er was licht. Zoveel immers heeft God van de wereld gehouden, dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft geschonken, zodat iedereen die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven bezit.
Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) In het begin schiep God de hemel en de aarde. De aarde was nog woest en doods, en duisternis lag over de oervloed, maar Gods geest zweefde over het water. God zei: ‘Er moet licht komen,’ en er was licht. Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.
Het Boek (HTB) In het begin heeft God de hemelen en de aarde gemaakt. De aarde was woest en leeg en de Geest van God zweefde boven de watermassa. Over de watermassa lag een diepe duisternis. Toen zei God: "Laat er licht zijn." En toen was er licht. Want God heeft zoveel liefde voor de wereld, dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven; zodat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat maar eeuwig leven heeft.
Herziene Statenvertaling (HSV) In het begin schiep God de hemel en de aarde. De aarde nu was woest en leeg, en duisternis lag over de watervloed; en de Geest van God zweefde boven het water. En God zei: Laat er licht zijn! En er was licht. Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, *opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.
Bijbel in gewone taal (BGT) In het begin maakte God de hemel en de aarde. De aarde was leeg en verlaten. Overal was water, en alles was donker. En er waaide een hevige wind over het water. Toen zei God: ‘Er moet licht komen.’ En er kwam licht. Want Gods liefde voor de mensen was zo groot, dat hij zijn enige Zoon gegeven heeft. Iedereen die in hem gelooft, zal niet sterven, maar voor altijd leven.

References[edit]

interwiki De Bijbel in het Nederlands

External links[edit]